Gerechtelijke procedure bij wanbetaling
Als een incassobureau er na herhaalde pogingen niet in slaagt de debiteur tot betaling te bewegen, kan een gerechtelijke procedure de volgende stap zijn. Dat klinkt ingrijpend, maar voor vorderingen tot € 25.000 verloopt de procedure via de kantonrechter — relatief snel en zonder advocaat.
Kantonrechter of rechtbank?
- Kantonrechter: vorderingen tot en met € 25.000, of arbeids- en huurzaken ongeacht het bedrag. Geen advocaat verplicht.
- Rechtbank (handelskamer): vorderingen boven € 25.000. Procesvertegenwoordiging door een advocaat is verplicht.
De meeste incassorende ondernemers hebben te maken met de kantonrechter.
De dagvaarding
Een gerechtelijke procedure begint met een dagvaarding: een officieel document dat door een gerechtsdeurwaarder aan de debiteur wordt betekend (persoonlijk overhandigd of achtergelaten). In de dagvaarding staan uw vordering, de grondslag en de datum van de zitting.
U kunt de dagvaarding zelf opstellen of dit laten doen door een incassobureau dat een deurwaarder inschakelt.
De zitting en het vonnis
Verschijnt de debiteur niet op de zitting, dan kan de rechter verstek verlenen: u krijgt doorgaans direct een vonnis in uw voordeel. Verschijnt de debiteur wél, dan volgt een inhoudelijke behandeling waarbij u uw vordering moet onderbouwen.
Een vonnis is een executoriale titel: daarmee heeft u de wettelijke basis om de debiteur te dwingen te betalen.
Executie van het vonnis
Betaalt de debiteur ook ná het vonnis niet, dan kunt u executeren. Dat betekent dat een gerechtsdeurwaarder dwingend beslag legt, bijvoorbeeld op:
- bankrekeningen (bankbeslag)
- loon of uitkering (derdenbeslag)
- roerende of onroerende zaken (reëel beslag)
Beslag leggen kost geld en is niet altijd zinvol als de debiteur geen verhaal biedt. Beoordeel vooraf of de debiteur solvent is — laat dit zo nodig nagaan door uw incassobureau.
Proceskosten
Als u wint, worden de proceskosten (griffierecht, deurwaarderskosten) doorgaans aan de debiteur opgelegd. Of en hoeveel u terugkrijgt hangt af van de veroordeling — de rechter kent een vaste vergoedingsstaffel (liquidatietarief), niet de werkelijke kosten.
Griffierecht voor kantonzaken bedraagt (2026) circa € 85 tot € 499 afhankelijk van het vorderingsbedrag. Vraag uw incassobureau om een kosten-batenanalyse voordat u procedeert.
Wat als de debiteur failliet gaat?
Gaat een debiteur failliet tijdens of na de procedure, dan verliest een vonnis zijn directe executiewaarde. U dient uw vordering in bij de curator. Lees meer: faillissement en surseance van betaling.